Geplaatst op

We bevinden ons in een transitiefase van conventionele techniek met benzine- en dieselmotoren naar 100 procent elektrisch aangedreven auto’s zonder praktische beperkingen.

Kenmerkend voor zo’n transitieperiode is dat er een fervente groep ontstaat van mensen die de transitie omarmen, en een groep die juist zeer sceptisch is. De eerste groep ziet rond 2019 een ruim aanbod van 100 procent EV-voertuigen, waarvan de actieradius de 400 km-grens voorbij is en de laadinfrastructuur en -snelheid ruim voldoende. De tweede groep wijst op de milieubelasting van het produceren van de auto, de batterijen en de (grijze) stroom. Hoezo CO2-neutraal?

De cijfers laten zeker een verschuiving zien. Maar liefst één op de tien bestellingen die de afgelopen drie jaar door de handen van Fleet Support zijn gegaan, betrof auto’s met een stekker. Waarbij steeds meer auto’s volledig elektrisch aangedreven zijn. En al die auto’s leveren vanaf inzet natuurlijk ook veel data op over tarieven en gebruikskosten.

Hier treedt wel gelijk het eerste dilemma op. Want hoe calculeer je de restwaarde van een EV in? We zijn gewend om vanuit ervaringscijfers een restwaarde-inschatting te maken. En de ervaring met bijvoorbeeld een Model S, Leaf en ZOE is beperkt. Gevolg? Restwaardes worden soms erg voorzichtig ingeschat. Daarmee kunnen de afschrijvingskosten hoger zijn dan nodig. Ook bij het bepalen van de reservering voor Reparatie, Onderhoud en Banden (R.O.B.) druppelt het ‘fossiele denken’ door. De elektromotor heeft nauwelijks onderhoud nodig en ondanks dat de bandenslijtage wel hoger ligt dan bij brandstofauto’s, zijn de werkelijke ROB-kosten uiteindelijk veel lager dan die van een conventioneel aangedreven auto.

Tot slot de kosten voor opladen. Elektriciteit is vele maken goedkoper dan brandstof, maar pas op: we zien in de markt zeer uiteenlopende kosten per kWh; soms wel een starttarief per laadtransactie, soms niet… Net als bij brandstof is beleid en sturing nodig.

Iets vaststellen is één, iets oplossen is natuurlijk een tweede. Hierbij alvast wat ideeën en suggesties:  

  • Spreek af om inzicht in de tarieven te krijgen om precies te zien welke bedragen er per onderdeel worden gehanteerd. Daarmee is er in ieder geval de optie om te toetsen en te vergelijken, ook later bij contractaanpassingen;
  • Vraag tarieven op bij meerdere leveranciers;
  • Nodig de vertegenwoordiger van de importeur uit om marktinformatie te krijgen en wellicht afspraken te maken over gegarandeerde minimale of maximale waardes.
  • Laat u goed voorlichten voordat u de afspraken met uw leveranciers en medewerkers maakt over de leasevoorwaarden van een EV.

Wij wensen u een fijne transitie!

Arie Brundel, Senior Consultant Fleet Support